1. Moet ik mij als zelfstandige aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds?

Ja, iedere zelfstandige moet zich aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds.

Een zelfstandige is een persoon die een professionele activiteit uitoefent met winstbejag. Hij is beschikbaar voor klanten en voert zijn activiteit regelmatig uit.

Een mandataris van een vennootschap onderworpen aan de vennootschapsbelasting, wordt eveneens verondersteld een zelfstandige beroepsactiviteit uit te oefenen.

De gepensioneerde onbezoldigde mandataris van een vennootschap en de mandataris van een openbare instelling zijn vrijgesteld van de verplichting om zich aan te sluiten.

Ook journalisten, perscorrespondenten en genieters van auteursrechten zijn onder bepaalde voorwaarden vrijgesteld.

Voor werknemers, personen die werken voor een werkgever in ondergeschikt verband, is de RSZ-wetgeving van toepassing. De verantwoordelijkheid ligt bij de werkgever.

2. Wie moet zich allemaal aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds?

Naast de zelfstandige, zijn ook deze personen verplicht om zich aan te sluiten bij een sociaal verzekeringsfonds:

  • De help(st)er;
  • De meewerkende echtgeno(o)t(e);
  • De vennootschap;
  • De beginnende zelfstandige.

De help(st)er

Een helper staat de zelfstandige bij of vervangt hem, maar heeft geen ondergeschikt verband. De regel geldt niet voor:

  • De ongehuwde helper vóór het jaar van zijn (haar) 20ste verjaardag;
  • De sporadische helper (= onregelmatige hulp gedurende minder dan 90 dagen per jaar);
  • De student met recht op kinderbijslag (tot maximum 25 jaar).

De meewerkende echtgeno(o)t(e)

Sinds 1 juli 2005 moet iedere meewerkende echtgeno(o)t(e) zich aansluiten voor het volledige sociale statuut van de zelfstandigen, behalve voor de faillissementsverzekering.

De vennootschap

Alle vennootschappen die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting of de belasting der niet-verblijfhouders, moeten zich aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds.

Voor sommige personenvennootschappen geldt een vrijstelling van bijdragen gedurende de eerste drie jaren. Die moet dan wel uitdrukkelijk gevraagd worden.

Beginnende zelfstandige

Zolang uw beroepsinkomen niet officieel vaststaat, betaalt u voorlopige bijdragen. U kunt de wettelijke minimumbijdrage betalen, maar u kunt ook hogere voorafbetalingen doen.

Twee à drie jaar later deelt de fiscus uw beroepsinkomen mee aan het sociaal verzekeringsfonds. Op dat ogenblik worden uw sociale bijdragen definitief berekend en moet u het verschil tussen de voorlopige en de definitieve bijdrage bijbetalen. Dit noemt men de ‘regularisatie'. Door hogere voorafbetalingen te doen, vermijdt u deze navordering.

3. Hoe zit het met het statuut van mijn meewerkende echtgeno(o)t(e)?

De wetgever gaat ervan uit dat de echtgeno(o)t(e) of levenspartner van een zelfstandige, helper is wanneer hij of zij:

  • effectief meehelpt in de zaak van de zelfstandige EN
  • geen eigen inkomen heeft uit een andere beroepsactiviteit, noch een vervangingsinkomen dat recht geeft op een volwaardige dekking in de sociale zekerheid.

In dit geval is de helpende echtgeno(o)t(e) onderworpen aan het sociaal statuut van de zelfstandigen. Vanaf 1 juli 2005 moet elke meewerkende echtgeno(o)t(e) zich verplicht aansluiten voor het volledige sociaal statuut van de zelfstandigen (behalve voor de faillissementsverzekering).

Wettige echtgenoten en partners met een samenlevingscontract worden op gelijke voet behandeld. Deze regel geldt niet in deze gevallen:

  • de echtgeno(o)t(e) wordt fiscaal als bedrijfsleider belast: het nieuwe statuut van de meewerkende echtgeno(o)t(e) is niet van toepassing;
  • de echtgeno(o)t(e) is geboren voor 1956: het verplichte, volledige statuut is ook na 2005 niet van toepassing.

4. Wat betekent het maxi-statuut?

Het maxi-statuut van de meewerkende partner is een sociaal statuut dat recht geeft op de voordelen van de sociale zekerheid.

De toetreding tot dit statuut impliceert de verplichting om bijdragen te betalen.

Gevolgen van het maxi-statuut:

  • Revalorisatie van het referentiesalaris;
  • Identieke schijven als de zelfstandige in hoofdberoep;
  • Minimumbijdrage per kwartaal: 306,65 euro (2017).

5. Wie wordt beschouwd als meewerkende echtgeno(o)t(e)?

De partner van een zelfstandige zonder beroepsactiviteit die verondersteld wordt mee te werken met de zelfstandige, valt zelf ook onder het statuut van zelfstandige.

Dit geldt voor gehuwde koppels en voor de ongehuwde meewerkende persoon die wettelijk samenwonen.
 

 

Iets niet duidelijk ?

Zoek een makelaar
Zoek een andere makelaar