Wat zijn de verplichtingen inzake preventie en welzijn op het werk?


Elke werkgever draagt een verantwoordelijkheid als het gaat over het beschermen van de veiligheid en gezondheid van de werknemers. In de wetgeving over welzijn op het werk zijn daarom preventie-verplichtingen opgelegd aan werkgevers. 
 

Wie beschouwt de wetgever als werkgever?

Volgens de wet is de werkgever een persoon die iemand anders onder zijn gezag arbeid laat verrichten. Werknemers met een arbeidsovereenkomst, werkende leerlingen, jobstudenten en stagiairs vallen allemaal onder het gezag van een werkgever.

 

Wat is de wettelijke basis voor de verplichtingen inzake preventie?

In België is de wetgeving over de bescherming van de veiligheid en gezondheid van de werknemers geregeld door de Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn op het werk en de Codex welzijn op het werk. De wet bevat de basisverplichtingen en in de codex staan meer gedetailleerde bepalingen, bijvoorbeeld over de organisatie van brandpreventie, de beheersing van lawaai of over het beschermen van jonge werknemers. 
 

Voor wie gelden de verplichtingen inzake preventie en welzijn op de werkvloer?

De wetgeving heeft het over de werkgever en de werknemers. De werkgever draagt de verantwoordelijkheid voor het welzijnsbeleid. De werknemers zijn verplicht om op hun niveau het beleid uit te voeren, bijvoorbeeld door het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen.
 

Wat wordt er vooral verwacht van de werkgever op het vlak van welzijn?

Op basis van de wetgeving welzijn op het werk is de werkgever verantwoordelijk voor het uitbouwen van een beleid in zijn onderneming dat erop gericht is om het welzijn van alle werknemers op het werk te bevorderen. Welzijn is een ruime term en omvat zowel veiligheid als (mentale) gezondheid. Om het welzijnsbeleid vorm te geven, is het ook aan de werkgever om te bepalen welke mensen en middelen hij hiervoor zal inzetten. 
 

Hoe moet de werkgever te werk gaan voor het opzetten van een welzijnsbeleid?

Voor de uitbouw van het welzijnsbeleid moet de werkgever systematisch te werk gaan door het opzetten van een dynamisch risicobeheersingssysteem. Dit systeem gaat uit van een planmatige aanpak van het welzijnsbeleid gebaseerd op een systematische risicoanalyse. Dat houdt in dat elke onderneming moet nagaan welke risico's gepaard gaan met het werk en welke maatregelen nodig zijn om de risico's weg te nemen of te beperken. Deze risicoanalyse moet regelmatig nagekeken en aangepast worden om rekening te houden met wijzigingen zoals aanpassingen aan de werklokalen, nieuwe machines of nieuwe medewerkers.
 

Welke preventiemaatregelen zijn verplicht voor de werkgever?

Het is aan de werkgever om op basis van de risicoanalyses te bepalen welke preventiemaatregelen moeten genomen worden. Hij is wel verplicht om daarvoor de preventiehiërarchie te respecteren. Dat houdt in dat er eerst moet getracht worden om het risico helemaal weg te nemen en pas als dat niet kan, zijn andere maatregelen toegelaten. Bijvoorbeeld: eerst kiezen voor het verwijderen van de lawaaierige machine van de werkvloer vooraleer gehoorbescherming te verplichten.
 

Moeten werkgevers opleiding en informatie geven in verband met preventie?

De werkgever is inderdaad verplicht om elke werknemer op te leiden en te informeren over welzijn op het werk. Dat start bij het onthaal in de onderneming maar opfrissen en herhalen op regelmatige tijdstippen, is zeker nodig. Wat de opleiding en informatie precies inhoudt, hangt af van de taken. Elke werknemer moet weten met welke risico's hij of zij kan geconfronteerd worden en welke preventiemaatregelen noodzakelijk zijn. De informatie- en opleidingsverplichting geldt bovendien ook voor uitzendkrachten, stagiairs, werknemers van contractors, enz. 
 

Vallen leidinggevenden ook onder de opleidings- en informatieverplichting inzake welzijn op het werk?

Het spreekt voor zich dat deze opleidings- en informatieverplichting ook geldt voor de leidinggevenden. Meer nog, de werkgever moet er in dat geval voor zorgen dat leidinggevenden alle informatie krijgen om hun rol inzake preventie op het werk op te nemen. Leidinggeven voeren het welzijnsbeleid mee uit en hun rol is vooral om toezicht te houden en werknemers  bij te staan en te coachen. 
 

Moeten de risicoanalyses en preventiemaatregelen op papier gezet worden?

De werkgever is verplicht om het welzijnsbeleid te documenteren. De twee belangrijkste documenten zijn het globaal preventieplan en het jaaractieplan. Het globaal preventieplan is een plan dat de preventie-activiteiten voor de volgende vijf jaren vastlegt en programmeert. Het jaaractieplan is gebaseerd op het globaal preventieplan en omvat de doelstellingen, acties en middelen voor het komende jaar (wie doet wat wanneer!).
 

Kan de werkgever zich laten bijstaan op het vlak van welzijn op het werk?

Een werkgever is verplicht om zich te laten bijstaan voor alles wat te maken heeft met welzijn op het werk. Hij moet hiervoor een beroep doen op de preventieadviseurs van de interne en externe dienst voor preventie en bescherming op het werk. 

De werkgever is verantwoordelijk voor de oprichting van een interne dienst met ten minste een preventieadviseur. Telt de onderneming minder dan 20 werknemers? In dat geval kan de werkgever zelf de taken van de preventieadviseur van de interne dienst op zich nemen.

De preventieadviseurs van de externe dienst nemen de taken op zich waarvoor de interne dienst niet de nodige competenties in huis heeft. Denk aan het analyseren van de psychosociale risico's of de medische onderzoeken in het kader van het gezondheidstoezicht. De werkgever moet daarom steeds een overeenkomst afsluiten met een externe dienst voor preventie en bescherming op het werk.

Maar ook al laat de werkgever zich voor alles wat te maken heeft met preventie op het werk bijstaan, hij kan nooit de verantwoordelijkheid wegschuiven. De eindverantwoordelijkheid voor welzijn op het werk blijft altijd bij de werkgever.
 

Is overleg met de werknemers verplicht?

Ja, de werkgever moet voor alles wat de maken heeft met welzijn op het werk overleggen met de werknemers. Dit gebeurt in de eerste plaats via het comité voor preventie en bescherming op het werk in de ondernemingen met meer dan 50 werknemers. Als er geen comité aanwezig is in het bedrijf, dan moet de werkgever overleggen met de vakbondsafvaardiging of, als ook deze ontbreekt, rechtstreeks met alle werknemers. 
 

Welke zijn de zes belangrijkste verplichtingen inzake preventie op het werk?

  1. Een dynamisch risicobeheersingssysteem opzetten: gevaren inventariseren, risicoanalyses uitvoeren preventiemaatregelen nemen en regelmatig bijsturen.
  2. Het dynamisch risicobeheersingssysteem vastleggen en bijhouden in 2 documenten: een vijfjaarlijks globaal preventieplan en een jaaractieplan.
  3. Alle werknemers opleiden en informeren over welzijn op het werk.
  4. Een interne dienst voor preventie en bescherming op het werk oprichten
  5. Een overeenkomst sluiten met een externe dienst voor preventie en bescherming op het werk.
  6. Overleg met de werknemers organiseren: in ondernemingen vanaf 50 werknemers via het comité voor preventie en bescherming op het werk; anders: via vakbondsafvaardiging of rechtstreeks met de werknemers.